Mantelzorgers van mensen met psychische aandoeningen en/of verslaving

U bevindt zich hier: Home | Thema's | Feiten en cijfers | Mantelzorgers van mensen met psychische aandoeningen en/of verslaving

Mantelzorgers van mensen met psychische aandoeningen en/of verslaving

12% van alle mantelzorgers, ruim 500.000 mensen, zorgt voor iemand met een psychische aandoening zoals depressie, een autistische stoornis en angststoornissen (De Klerk, et al 2015). Vergeleken met andere mantelzorgers, zorgen zij vaker voor een (schoon)ouder of kind dan voor een partner. Gemiddeld zijn er onder deze mantelzorgers veel meer ernstig belaste mensen dan in andere groepen mantelzorgers. Een deel van de jonge mantelzorgers groeit op met een ouder met een psychische aandoening.

Langdurige en zware zorg

De zorg voor een naaste met psychische problemen is vaak langdurig, niet zelden een leven lang. Mantelzorgers kunnen zich medeverantwoordelijk voelen voor het ontstaan van de aandoeningen bij hun partner of kind. Ook ervaren ze grote moeilijkheden bij het omgaan met de persoonlijkheidsveranderingen van hun naaste. Er kan sprake zijn van periodes van terugval of acute verslechtering, waarin direct actie geboden is. In ‘rustige’ periodes is er dan weer angst voor plotselinge terugval. Daar komt bij dat patiënten soms zelf een heel beperkt ziektebesef hebben, terwijl voor een behandeling of opname wel hun toestemming is vereist.

Sommige mantelzorgers en patiënten komen in contact met allerlei hulpverleners en instanties, niet alleen de ggz of verslavingszorg, maar ook de woningcorporatie, woonbegeleiding, politie en justitie, schuldhulpverlening, school en/of werk. Al deze factoren maken de mantelzorg voor iemand met psychische aandoeningen zwaar en complex.

Mantelzorgers vaker overbelast

Vanwege de onzichtbaarheid, onvoorspelbaarheid en het taboe op psychische aandoeningen lopen hun mantelzorgers een groot risico op overbelasting. Zij krijgen bijvoorbeeld zelf ook psychische en fysieke problemen. De meeste mantelzorgers van mensen met psychische problematiek weten niet wie hen kan vervangen of wat er gebeuren moet als zij uitvallen. Vaak is het moeilijk om de zorg te delen of om gebruik te maken van respijtzorg, omdat de hulpontvanger geen anderen toelaat, uit vrees voor stigmatisering of door gebrek aan ziekte-inzicht.

Cijfers

In Nederland geeft 12% van alle mantelzorgers hulp aan iemand met een psychische aandoening. In dat percentage is de verslavingszorg niet meegenomen (De Klerk et al 2015). Verder zijn er in Nederland bij benadering bijna 900.000 ouders met psychische en/of verslavingsproblemen. Samen hebben zij 1.600.000 kinderen onder de 22 jaar die in meer of mindere mate mantelzorgtaken vervullen (Bransen 2011).

Behoeften

  • Goede, continue zorg voor hun naaste
  • Grotere kennis over de ziekte van hun naaste en vaardigheden in het omgaan hiermee. Persoonlijke uitleg door bijvoorbeeld de huisarts kan daarvoor werken.
  • Dat professionals in goed onderling overleg samenwerken met mantelzorgers
  • Emotionele ondersteuning, o.m. door lotgenotencontact en van zorg- en hulpverleners
  • Gezien en gehoord worden binnen GGZ-instellingen (familiebeleid)
  • Praktische ondersteuning bij gecompliceerde regeltaken
  • Op adem komen door kwalitatief goede en passende respijtzorg (tijdelijk overnemen van mantelzorg, voor rust en ontspanning van mantelzorger).
  • Materiële steun, zoals financiële tegemoetkoming o.a. voor reiskosten naar instelling.
  • Specifiek voor mantelzorgers van mensen met een verslaving: training over grenzen stellen en benutten van hulpbronnen.
  • Kinderen van zorgvragers hebben behoefte aan contact met andere kinderen, die hun thuissituatie begrijpen.
  • Voor steun en leren. Denk aan een spel-praatgroep zoals Piep zei de Muis of Billy Boem.
  • Steun bij zingevingsvragen

Bronnen en meer lezen:

Facebook Twitter LinkedIn

Inschrijven E-zine

  • Mevrouw Heer

expertisecentrummantelzorg.nl gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.